schijnen

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoorda2
Vertaling
shine
Uitspraak: /ˈsxɛi̯.nə(n)/
Voorbeeld
De zon begint te schijnen.
Vervoeging
ikschijn
jijschijnt
hijschijnt
wijschijnen
jullieschijnen
zijschijnen
Verleden tijd
scheen / schenen
Voltooid deelwoord
hebbengeschenen
Gebiedende wijs
schijn
Voorwaardelijke wijs
zou schijnen
Toekomende tijd
zal schijnen