slijpen
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoordb2
Vertaling
to sharpen
Uitspraak: /ˈslɛi̯.pə(n)/
Voorbeeld
Hij moet zijn messen slijpen.
Vervoeging
| ik | slijp |
| jij | slijpt |
| hij | slijpt |
| wij | slijpen |
| jullie | slijpen |
| zij | slijpen |
Verleden tijd
sleep / slepen
Voltooid deelwoord
hebbengeslepen
Gebiedende wijs
slijp
Voorwaardelijke wijs
zou slijpen
Toekomende tijd
zal slijpen