strijken
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoorda2
Vertaling
to iron
Uitspraak: /ˈstrɛi̯.kə(n)/
Voorbeeld
Ik moet vanavond mijn kleren strijken.
Vervoeging
| ik | strijk |
| jij | strijkt |
| hij | strijkt |
| wij | strijken |
| jullie | strijken |
| zij | strijken |
Verleden tijd
streek / streken
Voltooid deelwoord
hebbengestreken
Gebiedende wijs
strijk
Voorwaardelijke wijs
zou strijken
Toekomende tijd
zal strijken