teleurstellen
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoordb1
Vertaling
teleurstellen
Uitspraak: /təˈlør.stɛ.lə(n)/
Voorbeeld
Ik wil je niet teleurstellen.
Vervoeging
| ik | teleurstel |
| jij | teleurstelt |
| hij | teleurstelt |
| wij | teleurstellen |
| jullie | teleurstellen |
| zij | teleurstellen |
Verleden tijd
teleurstelde / teleurstelden
Voltooid deelwoord
hebbenteleurgesteld
Gebiedende wijs
teleurstel
Voorwaardelijke wijs
zou teleurstellen
Toekomende tijd
zal teleurstellen