toekijken
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoorda2
Vertaling
to watch
Uitspraak: /ˈtuːˌkɛikən/
Voorbeeld
Hij stond alleen maar toe te kijken.
Vervoeging
| ik | kijk toe |
| jij | kijkt toe |
| hij | kijkt toe |
| wij | toekijken |
| jullie | toekijken |
| zij | toekijken |
Verleden tijd
kijkte / kijkten
Voltooid deelwoord
hebbengetoekijkt
Gebiedende wijs
kijk
Voorwaardelijke wijs
zou toekijken
Toekomende tijd
zal toekijken
Scheidbaar werkwoord