traceren
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoordb2
Vertaling
traceren
Uitspraak: /traˈserə(n)/
Voorbeeld
De politie probeert de verdachte te traceren.
Vervoeging
| ik | traceer |
| jij | traceert |
| hij | traceert |
| wij | traceren |
| jullie | traceren |
| zij | traceren |
Verleden tijd
traceerde / traceerden
Voltooid deelwoord
hebbengetraceerd
Gebiedende wijs
traceer
Voorwaardelijke wijs
zou traceren
Toekomende tijd
zal traceren