uitproberen
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoordb1
Vertaling
to try out
Uitspraak: /ˈœytˌproːbəˌreːn/
Voorbeeld
Ik wil die nieuwe app uitproberen.
Vervoeging
| ik | probeer uit |
| jij | probeert uit |
| hij | probeert uit |
| wij | uitproberen |
| jullie | uitproberen |
| zij | uitproberen |
Verleden tijd
proberde / proberden
Voltooid deelwoord
hebbengeuitproberd
Gebiedende wijs
prober
Voorwaardelijke wijs
zou uitproberen
Toekomende tijd
zal uitproberen
Scheidbaar werkwoord