vakantieweek
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
zelfstandig naamwoordb1
de
Vertaling
holiday week
Uitspraak: /vaːˈkɑn.tiˌʋeːk/
Voorbeeld
We hebben een heerlijke vakantieweek gehad aan zee.
Meervoud
vakantieweken