verbinden

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoorda2
Vertaling
verbinden
Uitspraak: /vɛrˈbɪndə(n)/
Voorbeeld
Kun je me met de manager verbinden, alstublieft?
Vervoeging
ikverbind
jijverbindt
hijverbindt
wijverbinden
jullieverbinden
zijverbinden
Verleden tijd
verbond / verbonden
Voltooid deelwoord
hebbenverbonden
Gebiedende wijs
verbind
Voorwaardelijke wijs
zou verbinden
Toekomende tijd
zal verbinden