vergaderen

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoordb1
Vertaling
meet
Uitspraak: /vərˈɣaːdərən/
Voorbeeld
We vergaderen elke maandag om de voortgang te bespreken.
Vervoeging
ikvergader
jijvergadert
hijvergadert
wijvergaderen
jullievergaderen
zijvergaderen
Verleden tijd
vergaderde / vergaderden
Voltooid deelwoord
hebbengevergaderd
Gebiedende wijs
vergader
Voorwaardelijke wijs
zou vergaderen
Toekomende tijd
zal vergaderen