veroorloven

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoordb1
Vertaling
afford
Uitspraak: /vərˈoːrloːvə(n)/
Voorbeeld
Ik kan me geen nieuwe auto veroorloven.
Vervoeging
ikveroorloof
jijveroorlooft
hijveroorlooft
wijveroorloven
jullieveroorloven
zijveroorloven
Verleden tijd
veroorlovde / veroorlovden
Voltooid deelwoord
hebbengeveroorlovd
Gebiedende wijs
veroorlov
Voorwaardelijke wijs
zou veroorloven
Toekomende tijd
zal veroorloven