verpakken

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoorda2
Vertaling
pack
Uitspraak: /vərˈpɑkə(n)/
Voorbeeld
We moeten de cadeaus verpakken.
Vervoeging
ikverpak
jijverpakt
hijverpakt
wijverpakken
jullieverpakken
zijverpakken
Verleden tijd
verpakkte / verpakkten
Voltooid deelwoord
hebbengeverpakkt
Gebiedende wijs
verpakk
Voorwaardelijke wijs
zou verpakken
Toekomende tijd
zal verpakken