verstaan

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoorda2
Vertaling
begrijpen, horen
Uitspraak: vɛrˈstaːn
Voorbeeld
Ik kan je niet goed verstaan.
Vervoeging
ikversta
jijverstaat
hijverstaat
wijverstaan
jullieverstaan
zijverstaan
Verleden tijd
verstond / verstonden
Voltooid deelwoord
hebbenverstaan
Gebiedende wijs
versta
Voorwaardelijke wijs
zou verstaan
Toekomende tijd
zal verstaan