versturen
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoorda2
Vertaling
to send
Uitspraak: /vərˈstyrən/
Voorbeeld
Ik ga een pakketje versturen naar mijn vriend.
Vervoeging
| ik | verstuur |
| jij | verstuurt |
| hij | verstuurt |
| wij | versturen |
| jullie | versturen |
| zij | versturen |
Verleden tijd
versturde / versturden
Voltooid deelwoord
hebbengeversturd
Gebiedende wijs
verstur
Voorwaardelijke wijs
zou versturen
Toekomende tijd
zal versturen