vertragen

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoordb1
Vertaling
to slow down
Uitspraak: /vərˈtraːɣən/
Voorbeeld
De trein zal waarschijnlijk vertragen door het slechte weer.
Vervoeging
ikvertraag
jijvertraagt
hijvertraagt
wijvertragen
jullievertragen
zijvertragen
Verleden tijd
vertragde / vertragden
Voltooid deelwoord
hebbengevertragd
Gebiedende wijs
vertrag
Voorwaardelijke wijs
zou vertragen
Toekomende tijd
zal vertragen