verwijten
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoordb1
Vertaling
to blame
Uitspraak: /vərˈʋɛi̯.tə(n)/
Voorbeeld
Hij verwijt haar de fout.
Vervoeging
| ik | verwijs |
| jij | verwijt |
| hij | verwijt |
| wij | verwijten |
| jullie | verwijten |
| zij | verwijten |
Verleden tijd
verweet / verweten
Voltooid deelwoord
hebbenverweten
Gebiedende wijs
verwijt
Voorwaardelijke wijs
zou verwijten
Toekomende tijd
zal verwijten