verzamelen

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoorda2
Vertaling
verzamelen
Uitspraak: /vərˈzaːmələ(n)/
Voorbeeld
Hij houdt ervan om postzegels te verzamelen.
Vervoeging
ikverzamel
jijverzamelt
hijverzamelt
wijverzamelen
jullieverzamelen
zijverzamelen
Verleden tijd
verzamelde / verzamelden
Voltooid deelwoord
hebbenverzameld
Gebiedende wijs
verzamel
Voorwaardelijke wijs
zou verzamelen
Toekomende tijd
zal verzamelen