voortbouwen

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoordb2
Vertaling
build on
Uitspraak: /ˈvoːrtˌbɑu̯.ə(n)/
Voorbeeld
We moeten voortbouwen op onze successen.
Vervoeging
ikvoortbouw
jijvoortbouwt
hijvoortbouwt
wijvoortbouwen
jullievoortbouwen
zijvoortbouwen
Verleden tijd
tbouwde / tbouwden
Voltooid deelwoord
hebbengevoortbouwd
Gebiedende wijs
tbouw
Voorwaardelijke wijs
zou voortbouwen
Toekomende tijd
zal voortbouwen
Scheidbaar werkwoord