zegenen
Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang
werkwoordb2
Vertaling
bless
Uitspraak: /ˈzeː.ɣə.nə(n)/
Voorbeeld
De priester zal het huwelijk zegenen.
Vervoeging
| ik | zegen |
| jij | zegent |
| hij | zegent |
| wij | zegenen |
| jullie | zegenen |
| zij | zegenen |
Verleden tijd
zegende / zegenden
Voltooid deelwoord
hebbengezegend
Gebiedende wijs
zegen
Voorwaardelijke wijs
zou zegenen
Toekomende tijd
zal zegenen