zetten

Zoek elk Nederlands woord op — meervoud, vervoegingen en vergrotende trappen leiden allemaal naar de juiste ingang

werkwoorda1
Vertaling
zetten
Uitspraak: /ˈzɛ.tə(n)/
Voorbeeld
Zet de bloemen in de vaas.
Vervoeging
ikzet
jijzet
hijzet
wijzetten
julliezetten
zijzetten
Verleden tijd
zette / zetten
Voltooid deelwoord
hebbengezet
Gebiedende wijs
zet
Voorwaardelijke wijs
zou zetten
Toekomende tijd
zal zetten